CapaCD CD-compressie
Giga-CD ziet het daglicht
De capaciteit van een diskette of harde schijf kan al enkele jaren
worden verdubbeld met behulp van compressieprogramma's als Stacker
en DriveSpace. De CD-ROM is wat dit betreft enigszins
achtergebleven, waarschijnlijk omdat de capaciteit van 660 MB `toch
al ruim voldoende' was. Intussen weten we wel beter, er zijn
voldoende toepassingen die schreeuwen om meer ruimte dan een
standaard-CD kan bieden. CapaCD is het eerste compressieprogramma
voor CD-ROM, waarmee de capaciteit van de `normale' CD verdubbeld
kan worden. Volgens de leverancier kunnen we ook nog eens een
aardige winst in snelheid tegemoet zien.
Grenzen vervagen, ook in de computertechniek. Wat vorig jaar nog
`onbegrensd' genoemd werd, dat is nu standaard en morgen te krap.
Dit geldt ook voor de capaciteit van de CD-ROM. Philips en Sony
hebben, net zoals het consortium rond Matshushita, inmiddels een
nieuw type CD op de plank liggen met een vervijfvoudigde
opslagcapaciteit. Leuk voor de producenten van speelfilms, die
kunnen nu een hele film op een enkele schijf kwijt. Helaas zullen
die nieuwe schijven niet in de huidige generatie CD(-ROM) spelers
gebruikt kunnen worden. Voor het ledigen van de hedendaagse
datanood is dit dus geen goede oplossing. Wie nu al meer op een
CDtje wil zetten dan het medium fysiek toelaat, die zal moeten
uitwijken naar een of andere vorm van datacompressie.
Compressie
Aan het comprimeren van data hangt natuurlijk wel een prijskaartje.
Om gecomprimeerde data te kunnen gebruiken, moet deze ook weer
gedecomprimeerd kunnen worden. Het hiervoor benodigde programma zal
dus wel beschikbaar moeten zijn in een versie voor de te gebruiken
computer. Een van de grote voordelen van de ISO-9660 CD-ROM is dat
deze in vrijwel alle computers bruikbaar is. Bij gebruik van een
datacompressieprogramma is de inzetbaarheid van de CD beperkt tot
die machines, waarvoor decompressiesoftware beschikbaar is. Dat
decompressieprogramma moet ook ergens in het geheugen een plaatsje
vinden, dit zal voor de meeste computers echter geen probleem zijn
(tenzij u een zwaarbeladen DOS-PC gebruikt die al vol zit met
device drivers en TSR-programma's). De DOS-driver neemt 53 KB in
beslag, en kan niet hoog worden geladen. Het decomprimeren van data
kost natuurlijk ook tijd. De uiteindelijke leessnelheid van een
CapaCD-CD is sterk afhankelijk van de snelheid van de PC en die van
de CD-ROM speler. Met een trage processor zal het decomprimeren
verhoudingsgewijs veel tijd in beslag nemen. Een snelle processor
zorgt voor korte decompressietijden. Aan de andere kant van de
snelheidsbalans treffen we de relatief trage CD-ROM speler. Deze
hoeft bij gebruik van CapaCD minder werk te verrichten, aangezien
de data in gecomprimeerde vorm gelezen worden. Uitgaande van een
compressieverhouding van 2:1 zal de leestijd van de data ongeveer
halveren (niet helemaal, aangezien de zoektijd niet verkort wordt).
Als een toepassingsprogramma 16 KB data opvraagt, kan de speler
over het algemeen volstaan met het lezen van 8 KB. De tijd die
normaliter door de CD-ROM speler gebruikt werd voor het lezen van
de overige 8 KB is nu beschikbaar voor het uitvoeren van andere
taken. Een van die andere taken is het decomprimeren van data,
zodat deze zijn oorspronkelijke omvang en inhoud terugkrijgen. Een
snelle processor heeft hier maar weinig tijd voor nodig - minder
dan de CD-ROM speler nodig zou hebben voor het lezen van de overige
8 KB - waarmee de leessnelheid van de CapaCD hoger wordt dan die
van een niet-gecomprimeerde CD-ROM. Over het algemeen geldt dat
tragere CD-ROM spelers een grotere winst te zien geven dan snellere
spelers. Hierbij gaan we er steeds vanuit dat de data ongeveer tot
de helft van het volume gecomprimeerd kan worden. Dit is echter
sterk afhankelijk van de aard van de data. Over het algemeen kan
worden gesteld dat tekst beter comprimeerbaar is dan programmatuur,
en data (niet-gecomprimeerde) bitmaps weer beter comprimeerbaar
zijn dan tekst. Als de CD uitsluitend met niet-gecomprimeerde
BMP-bestanden zou worden gevuld, dan kan CapaCD tot
onwaarschijnlijk hoge compressiewaarden komen. In de praktijk zal
dit niet vaak voorkomen. Het tegenovergestelde is ook mogelijk, een
CD die gevuld wordt met compressed-TIFF bestanden zal door CapaCD
nauwelijks meer bestanden kunnen bevatten. Ook videobestanden
(Video for Windows, Quicktime) zijn nauwelijks verder te
comprimeren, net zoals Kodak PhotoCD-bestanden. In de praktijk zal
de compressieverhouding over het algemeen ergens tussen de 1,5:1 en
2:1 blijven steken.
Hoe werkt dat?
CapaCD is geen CD-master programma. Het is een compressieprogramma
(zoiets als Stacker) dat zijn werk `onzichtbaar' verricht. De
CapaCD decompressie-driver vangt alle lees-opdrachten naar de
CD-ROM speler af, en draagt zorg voor de decompressie van de
gevraagde data. Het decompressieprogramma bevindt zich logisch
gezien tussen het bestandssysteem en het fysieke medium. Dit
betekent, dat CapaCD in principe met alle bestandssystemen overweg
kan. De leverancier geeft aan dat het mogelijk is te werken met
ISO-9660, High Sierra en het Hierarchical File System van Apple.
Wat die laatste in dit rijtje doet is ons niet duidelijk, er zijn
namelijk (nog) geen decompressie-drivers voor de Macintosh
beschikbaar. Om met Henry Ford te spreken: `alles kan, zolang het
maar DOS/Windows is'. Dit is ons inziens wel een erg beperkte visie
op de computerwereld, die de uitwisselbaarheid van CapaCD's niet
ten goede komt. Wellicht dat hier in de toekomst nog iets aan gaat
veranderen. De komst van Windows95 zal in ieder geval het nodige
werk voor EWB and Associates betekenen, aangezien de huidge versie
van CapaCD onder dit besturingssysteem niet goed werkt. CapaCD wil
tussen de CD-ROM-driver en MSCDEX geladen worden, dit is bij
Windows 95 echter onmogelijk. CapaCD werkt dan ook alleen met W95
samen als gebruik wordt gemaakt van de `MS-DOS mode'. Dit laatste
is een door Microsoft uirgevonden eufemisme voor plain old DOS.
CapaCD voegt een aantal stappen toe aan het CD-mastering proces. In
plaats van de data direct van de harde schijf naar de CD-writer te
sturen, wordt nu met behulp van CapaCD de omvang van het
uiteindelijke `virtuele medium' bepaald. Dit virtuele medium is
niets anders dan de door CapaCD beschikbaar gestelde ruimte na
compressie. Om erachter te komen wat de uiteindelijke
compressieverhouding wordt, bekijkt CapaCD van tevoren een deel van
de te comprimeren data, en maakt aan de hand van dit onderzoek een
voorlopige schatting van de compressieverhouding. Het
masteringproces verloopt vanaf dan normaal, met dien verstande dat
er nu meer ruimte beschikbaar is. Met het authoringpakket maakt u
een imagefile van de gewenste CD, en schrijft deze weg naar de
harde schijf of het netwerk. CapaCD maakt van deze imagefile een
gecomprimeerde imagefile, die - eventueel samen met de
decompressiesoftware en het installatieprogramma - met behulp van
het authoringpakket op de harde schijf, de DAT-tape of de CD kan
worden gezet. Voor het succesvol masteren van een CapaCD-CD heeft
u, naast de CapaCD-software, nog een aantal zaken nodig. Aangezien
CapaCD zelf geen CD-authoring pakket is, zult u moeten beschikken
over een dergelijk pakket. Dit pakket moet in staat zijn om met
imagefiles van 640 MB of meer te werken. Tevens moet het mogelijk
zijn om de imagefiles naar harde schijf weg te schrijven. CapaCD is
een Windows-programma, Windows 3.1 of hoger is dan ook een
vereiste. Als de uiteindelijke CD meer dan 2 GB aan data bevat,
moet er gebruik gemaakt worden van Windows NT of een netwerkdrive,
aangezien DOS/Windows geen grotere bestandssystemen dan 2 GB
aankan. Natuurlijk moet er ook voldoende ruimte vrij zijn op een
voldoende snelle harde schijf om de image-file te kunnen bevatten.
De uiteindelijke CD kan worden gebruikt in iedere CD-ROM speler die
door DOS/Windows ondersteund wordt.
Praktijk
De leverancier van CapaCD in Nederland, Euro Reseller Distribution
BV, heeft enkele praktijktests met CapaCD uitgevoerd. De resultaten
van deze tests waren als volgt. Een bestandssysteem van 265 MB werd
met behulp van CapaCD gecomprimeerd tot 167 MB, dit komt neer op
een compressieverhouding van 1,59:1. Bij voorafgaande compressie
met behulp van PKZIP - resulterend in een bestandssysteem van 171
MB - leverde CapaCD uiteindelijk een bestandssysteem van 169 MB op.
Het vooraf comprimeren van de data levert (in dit geval) dus geen
winst op, het kost zelfs iets meer ruimte. De met CapaCD bewerkte
CD was in het gebruik iets trager dan de onbewerkte variant, het
snelheidsverlies bedroeg ongeveer 18%. Deze test zijn uitgevoerd
met een snelle PC (486DX2-66) met Adaptec SCSI-controller en een
double speed CD-ROM speler. Het compressieprogramma gebruikt
ongeveer 27 KB geheugen. Het comprimeren van de data kostte CapaCD
in beide gevallen ongeveer anderhalf uur. Wie veel gebruik van het
compressieprogramma maakt kan het beste omzien naar een snelle
computer (Pentium-90 of beter) met voldoende schijfruimte. Dit
geldt overigens niet alleen voor het gebruik van CapaCD, maar in
het algemeen voor het maken van CD-ROM's met behulp van de PC.
Conclusie
Datacompressie kan een uitkomst zijn voor nijpende ruimteproblemen,
het is bovendien een relatief goedkope oplossing. Niet alle data
laten zich even goed comprimeren, het uiteindelijke resultaat is
dan ook vaak moeilijk te voorspellen. Op zich is er niets op tegen
om ook op CD-ROM een datacompressieprogramma zoals CapaCD los te
laten. Het is echter jammer dat CapaCD zich beperkt tot de
DOS/Windows wereld. Wie nu al kampt met ruimteproblemen op CD, en
niet wil wachten op de volgende generatie (S)HD-CD die moet zijn
licht maar eens opsteken bij Euro Reseller, telefoon 02990-38496.