De Communicatie-Revolutie

Van massa-medium naar menselijke maat Volgens de Haagse beleidsmakers (EZ aan de leiband van de grootindustrie voorop of juist achteraan?) moeten we het massale gebruik van Internet en de Infobahn gaan nastreven. Ik geloof daar persoonlijk niet zo in, dat hele gedoe rond de electronische snelweg is allemaal technology-push, wat heeft de gewone burger eraan. Nieuwe Media winden me nauwelijks meer op, ik heb er te veel energie in zien steken en te weinig uit zien komen. In 1981 schreef ik m'n eerste boekje en dat ging, in de toen gebruikelijke Chrietpraatstijl, over Nieuwe Media. Geweldig, er werd een enorme revolutie voorzien. In die tijd nog met ondertussen al geflopte media als Viditel/videotext, de satellieten zouden alles, inclusief de telefoon en televisie drastisch gaan veranderen, glasvezel zou binnen enkele jaren overal de huiskamers bereiken, het was een groot techno-feest. Erg veel is er niet van uitgekomen, Viditel kwam en ging, ISDN is een achterhaalde ramp en glasvezel naar de huiskamer komt pas tegen het eind van deze eeuw (if ever). Wat me wel interesseert is in hoeverre media werkelijk de samenleving veranderen. Hoe kunnen we met name de menselijke maat die we met allerlei massa-media en grootschalige maatschappelijke structuren bijna vergeten zijn, terug brengen. Een menselijke maat, waarbij oorzaak en gevolg weer met elkaar in voelbaar verband worden gebracht, waarbij politiek weer draait om wat mensen samen zijn en niet de burgers isoleert van de `macht'. Daar ligt de belofte van de (tele)-communicatie niet in, maar volladen van het kabelnet met rommel en dan nog verbaasd zijn dat het niet bekeken en gevreten wordt. Veronica en TVlaCarte hebben het ondertussen gemerkt, meer kanalen en meer keus betekent niet meer kijkers, de koek moet alleen met meer gedeeld worden. Jammer, maar dat betekent volgens mij wel dat de lokale rol van kabelnet alleen maar groter gaat worden. Als men eenmaal beseft dat je bij 100 kanalen gemiddeld per kanaal maar 1% van de kijkers trekt (en dat is misschien maar 0,2% van de aangeslotenen) dan mag het per kanaal dus ook niet zo veel geld kosten. En dan zouden we die kabels best eens wat inventiever voor teletext, Internet, kabelkranten en andere interactieve grappen kunnen gaan benutten. Er is dus hoop, maar alleen niet voor de massa-media zoals Philips, IBM, KPN, Endemol en VNU die graag op kosten van de minister (en ons) ontwikkeld zouden willen zien. Nu klinkt dat misschien wat vaag, maar ondertussen is duidelijk aan het worden, dat de grote data-snelweg en de electronische superhighway met de 500 plus TV-kanalen niet zo vlot van de grond komen Want wie moet dat betalen, zeker niet de gefragmenteerde Internet-providers, wiens service langzamerhand wel bedroevend slecht is. Waarom slaan die niet de handen ineen en zorgen voor wat stevige verbindingen met elkaar en het buiten-net? Ondertussen mogen we best alert blijven op wat er in de Cyberspace allemaal gebeurt. Dat is echt niet alleen de strijd der digerati, maar we worden langzamerhand allemaal steeds meer vercomputerd. Van airmiles tot nieuwe teelfoonnummers, sofi-nummers, ieder kind schijnt tegenwoordig bij de geboort ook een soort internationaal nummer met 10 cijfers te krijgen, Big brother sluipt binnen en niet alleen via je Microsoft Netwerk aanmelding. De gevaren van de Cyberspace voor privacy zijn vele, we moeten oppassen voor het isoleren van de niet-digitaal verhevenen, maar wat dacht u van de sluipende hypnose met al die electronische snelweg humbug. Je gaat er vanzelf in geloven, als je het maar vaak genoeg hoort en wat dat betreft wordt het idee van de Cyberspace steeds meer een paradigma. Na stoommachine, electrische robot en computer als modellen voor ons denken gaan we onszelf nu zien als cyberspace-wezens, onstoffelijke zielen die ronddolen in een ontastbare ether. Dan verliezen we licht de grond onder onze voeten en achten ons als Icarus, vliegend in die ruimte op weg naar, o ja, naar wat eigenlijk, is er een doel behalve het steeds maar meer en sneller data heen en weer schuiven? De echte netsurfers kennen de hypnose van de globale cyberzotte zwerftochten, een drug die - als je het op de computer van een ander doet - niets kost, maar willen we daar allemaal aan? Zitten we echt over een paar jaar allemaal met onze VR-brillen en cyberstoelen glazig deel te hebben aan zo'n non-communicatieve zoethouderij als het WWW in dan multimediale driedimensionale uitvoering? Ik hoop het toch niet, misschien vindt iemand ondertussen nog iets uit, waardoor we bijvoorbeeld de magische kwaliteiten van de cyberspace wat beter leren begrijpen. De postmodernistsiche chaos-magiers zijn er naar op zoek en dat vindt ik een heel wat interessanter onderwerp dan nog meer geld voor nog meer snelweg, waar we voorlopig alleen over kunnen fietsen.
Luc Sala